CENTRAAL KERKBESTUUR GENT STAD

 

Biezekapelstraat 4 te 9000 Gent

 

Onderafdeling 2. Gevolgen van een samenvoeging van erkende lokale geloofsgemeenschappen

 

 

Artikel 41. Samenvoeging, gevolg voor de besturen van de eredienst

 

 

De erkenning van de samenvoeging van erkende lokale geloofsgemeenschappen beŽindigt het bestaan van de besturen van de eredienst van de samengevoegde erkende lokale geloofsgemeenschappen, met uitzondering van het bestuur van de eredienst dat het representatief orgaan aanwijst als het te behouden bestuur van de eredienst.

 

De erkenning van de samenvoeging van erkende lokale geloofsgemeenschappen maakt van rechtswege een einde aan het mandaat van de leden van de bestuursorganen van de besturen van de eredienst van de samengevoegde erkende lokale geloofsgemeenschappen vanaf de bekendmaking van het uittreksel van het besluit in het Belgisch Staatsblad, vermeld in artikel 40. De leden van het bestuursorgaan van het te behouden bestuur van de eredienst blijven hun mandaat uitoefenen tot het representatief orgaan een nieuw bestuursorgaan aanstelt, conform het derde lid, of tot de eerste gedeeltelijke vernieuwing van het bestuursorgaan volgens de reguliere cyclus die geldt voor de andere besturen van dezelfde eredienst, conform het decreet van 7 mei 2004.

 

Het representatief orgaan kan na de samenvoeging een nieuw voltallig bestuursorgaan van het te

behouden bestuur van de eredienst aanstellen overeenkomstig de samenstelling van het bestuursorgaan bepaald in het decreet van 7 mei 2004 tot aan de eerste gedeeltelijke vernieuwing. In voorkomend geval wijst het lot de leden aan die bij die eerste gedeeltelijke vernieuwing uittreden. De eerste gedeeltelijke vernieuwing van het bestuursorgaan valt samen met de reguliere cyclus die geldt voor de andere besturen van dezelfde eredienst, conform het voormelde decreet.

 

 

 

Verval van statuut

 

De samenvoeging van twee of meer erkende besturen van de eredienst heeft gevolgen voor de besturen van de eredienst zelf, de bestuursorganen (kerkraden) en de leden (penningmeesters) van de bestuursorganen.

 

In het algemeen kan gesteld worden dat elke wijziging aan het statuut van een bestuur van de eredienstmet zich meebrengt dat de erkenning van de oorspronkelijke besturen teniet gaat. Dit wil zeggen dat het ministerieel besluit van de oprichting van de oorspronkelijke besturen opgeheven wordt door een nieuw ministerieel besluit van opheffing, geheel of gedeeltelijk van het oorspronkelijke bestuur.

 

Ten titel van uitzondering blijft het bestuursorgaan (de kerkraad) van het te behouden bestuur van de eredienst bestaan, maar aan het mandaat van de leden van het bestuursorgaan (de kerkraad) van dit bestuur komt een einde.

 

Onderscheid met hertekening van de parochiegrenzen

 

Het statuut van het bestuur van de eredienst, dit wil zeggen de erkenning van het bestuur van de eredienstwijzigt niet wanneer slechts de grenzen van het grondgebied worden gewijzigd. Een correctieve bepaling van het grondgebied geeft geen aanleiding tot de afschaffing van de erkenning van het bestuur van de eredienst. Maar de correctie mag geen aanleiding geven tot het feitelijk opheffen van het bestuur van de eredienst.

 

Als een nieuw infrastructuurwerk (baan, kanaal) een deel van het grondgebied van het bestuur van de eredienst afsnijdt van het oorsprongsgebied waardoor een normale bediening van dit deel moeilijk of onmogelijk wordt, dan kan het afgesneden deel gevoegd worden bij een ander bestuur van de eredienst waaruit de bediening eenvoudiger is. Deze grondgebiedsafstand maakt geen einde aan het oorspronkelijke bestuur van de eredienst.

 

Gevolg voor de besturen van de eredienst

 

Na de erkenning van de samenvoeging van de besturen van de eredienst door de Vlaamse Regering, houden de oorspronkelijke besturen op te bestaan.

 

De samengevoegde besturen worden opgeheven (zie E.Art. 41, 1ste lid), behalve het behouden bestuur van de eredienst.

 

Gevolg voor de bestuursorganen

De mandaten van de leden van de bestuursorganen van de oorspronkelijke bestuursorganen van al de oorsprongsparochies houden op te bestaan (zie E.Art. 41, 2de lid, 1ste zin). Maar de leden van het oorspronkelijke bestuursorgaan van het behouden bestuur van de eredienst, zetten hun mandaat voort tot:

-        ofwel de gedeeltelijke vernieuwing van de kerkraad zoals voorzien in art. 6 van het Eredienstendecreet;

-        ofwel tot de installatie van een nieuw bestuursorgaan (zie E.Art. 41, 3de lid) door het representatief orgaan op het ogenblik van de samenvoeging (zie E.Art. 41, 2de lid, 2de zin).

 

Nieuw bestuursorgaan

 

Een nieuw bestuursorgaan moet opgericht worden (zie Eredienstendecreet, art. 3 en 7). Op voorstel van de door het erkend representatief orgaan aangestelde verantwoordelijke van het samengevoegde bestuur van de eredienst, meestal de parochiepriester of de bisschoppelijk vertegenwoordiger, stelt het representatief orgaan, de bisschop, de nieuwe leden aan (zie E.Art. 41, 3de lid).

 

Het mandaat van de leden van de kerkraden van de oorsprongsparochies gaat teniet vanaf de datum van publicatie in het Belgisch Staatsblad van het Ministerieel besluit tot samenvoeging (zie E.Art. 41, 1ste lid, 1ste zin, in fine). Het besluit is aan de leden tegenstelbaar vanaf deze datum.

 

Gevolg voor de penningmeesters

 

De penningmeesters van al de oorspronkelijke besturen van de eredienst moeten hun eindrekening opmaken binnen de 2 maand na de beŽindiging van hun mandaat (zie Eredienstendecreet, art. 56neo en E.Art. 44). Het mandaat eindigt op de datum van publicatie in het Belgisch Staatsblad van de ministeriŽle beslissing.

 

Gevolg voor het Centraal Kerkbestuur

 

De samenvoeging van besturen van de eredienst heeft geen invloed op de samenstelling en / of het voortbestaan van de centrale kerkbesturen, althans niet onmiddellijk (zie E.Art. 42).

 

Een centraal kerkbestuur kan wel opgeheven worden, indien de oprichting / samenstelling ervan niet meer voorgeschreven is volgens het Eredienstendecreet, art. 25. De eventuele opheffing gaat in vanaf de dag na de dag van publicatie van de samenvoeging in het Belgische Staatsblad (zie E. Art. 42, laatste zin).

 

 

 

 

© PťDťWť 03.2022. Hoewel de teksten in de groene kaders hoofdzakelijk gebaseerd zijn op wetteksten, decretale verordeningen en omzendbrieven, is de interpretatie die er aan wordt gegeven een persoonlijk standpunt dat noch de Vlaamse Regering en haar administratie(s), noch de burgerlijke overheden en haar administratie(s), noch de kerkelijke overheid en haar instelling(en) verbindt.

 

Naar E.Art. 40

Home

Naar E.Art. 42