CENTRAAL KERKBESTUUR GENT STAD

 

Jakobijnenstraat 4 te 9000 Gent

 

Art. 43. (de goedkeuring van het meerjarenplan na advies van de bisschop)

De meerjarenplannen en de wijzigingen zijn onderworpen aan het advies van het erkend representatief orgaan en aan de goedkeuring van de gemeenteraad.

Bij ontstentenis van het versturen van zijn advies naar de gemeenteraad binnen een termijn van vijftig dagen, die ingaat op de dag na het inkomen bij het erkend representatief orgaan van de meerjarenplannen, wordt het voornoemd orgaan geacht een gunstig advies te hebben uitgebracht.

De gemeenteraad spreekt zich uit over de goedkeuring binnen een termijn van honderd dagen die ingaat op de dag na het inkomen van het advies van het erkend representatief orgaan bij de gemeenteoverheid of de dag na het verstrijken van de termijn van vijftig dagen, en verstuurt zijn besluit uiterlijk de laatste dag van deze termijn aan de provinciegouverneur, het centraal kerkbestuur, de kerkfabrieken in kwestie en het erkend representatief orgaan. De gemeenteraad kan het meerjarenplan goedkeuren, niet-goedkeuren of aanpassen aan wat in het overleg, vermeld in artikel 33, besproken werd. 1

Als binnen de termijn van honderd dagen, bedoeld in het derde lid, geen besluit naar de provinciegouverneur, het centraal kerkbestuur, de kerkfabrieken in kwestie en het erkend representatief orgaan is verstuurd, wordt de gemeenteraad geacht zijn goedkeuring aan de meerjarenplannen te hebben verleend.

Als de gebiedsomschrijving van een parochie zich uitstrekt over het grondgebied van meer dan een gemeente, verstuurt de gemeenteraad van de gemeente waar de hoofdkerk van de parochie zich bevindt zijn besluit ook onmiddellijk naar de overige gemeente of gemeenten. 2

1. Laatste zin ingevoegd bij Decreet van 06.07.2012 met inwerkingtreding vanaf 01.01.2013.

2. Laatste lid ingevoegd bij Decreet van 06.07.2012 met inwerkingtreding vanaf 01.01.2013.

 

Termijngebonden besluit

 

De indieningprocedure van het meerjarenplan is termijngebonden. De termijnen beginnen te lopen vanaf de dag na de dag van ontvangst van het meerjarenplan of de –wijziging, van het advies of van het gemeentelijk besluit. De sanctie bij gebrek is de goedkeuring van het meerjarenplan en / of de –wijziging.

                                                                                         

Het niet-besluit mag niet gelijkgesteld worden aan een ongunstig advies of de verwerping van het meerjarenplan of de -wijziging. Het niet-besluit is een ontbrekende daad door de religieuze of burgerlijke overheid. Namelijk, het meerjarenplan wordt niet geadviseerd binnen de opgelegde termijn door de bisschop; de gemeenteraad neemt geen besluit binnen de opgelegde termijn.

 

In tegenstelling tot de oude regelingen zijn de termijnen dwingend. Als het representatief orgaan niet binnen vijftig dagen een advies heeft uitgebracht, wordt dat onherroepelijk gelijkgesteld met een gunstig advies en begint de daaropvolgende termijn van honderd dagen dus ook te lopen. Op dezelfde wijze wordt, als de gemeente- of provincieraad binnen honderd dagen geen (niet-) goedkeuring of een aanpassing heeft beslist, het stilzwijgen gelijkgesteld met een goedkeuring. Bepalend voor die termijnen is het ogenblik waarop het advies of het besluit verstuurd wordt.*

 

Advies

 

Het erkend representatief orgaan brengt advies uit bij het meerjarenplan of de -wijziging binnen een termijn van vijftig dagen. De gemeenteraad keurt daarna al of niet het meerjarenplan of de –wijziging goed, of past ze aan in verwijzing naar het overleg met het CKB binnen een termijn van honderd dagen. De termijn van 100 dagen begint op de dag na de dag van ontvangst van het advies door het erkend representatief orgaan of bij het verstrijken van de termijn van 50 dagen bij gebrek aan advies.

 

Bewijs van verzending

 

Wat het bewijs van verzending en nog veel meer van ontvangst aangaat, kan dit slechts geverifieerd worden aan de hand van een geschreven bewijs. Er ontstaat een vermoeden dat een akte ontvangen wordt op het ogenblik dat vaststaand kan bewezen worden dat de akte werd verstuurd (verzendingstheorie). In de eerste plaats moet hierbij gedacht worden aan een bij ter post verzonden aangetekend schrijven. Verder kan een ontvangstmelding door de religieuze of burgerlijke overheid definitief uitsluitsel geven wanneer de ontvangsttermijn begint te lopen.

 

In geval van goedkeuring loopt de toezichtprocedure hier ten einde (zie GV boekhouding 22.02.2008, pt. 4.5).

 

Dubbele voorwaarde

 

Het gemeenteraadsbesluit moet aan een dubbele voorwaarde voldoen, namelijk het moet worden genomen binnen de vermelde termijn van 100 dagen en moet daarenboven aan de kerkraad, het centraal kerkbestuur, de bisschop en de provinciegouverneur ook worden toegezonden ten laatste bij het verstrijken van deze termijn. In het 3de lid van het artikel wordt aldus een onderscheid gemaakt tussen het tijdstip dat het gemeenteraadsbesluit genomen wordt en het tijdstip dat het besluit aan de partijen wordt meegedeeld.

 

Het besluit van de gemeenteraad kan positief of negatief zijn, maar kan ook een aanpassing van het voorgestelde meerjarenplan inhouden. Deze aanpassing moet in overleg met het CKB gebeuren (zie Decreet, art. 33, 1ste lid). Deze derde mogelijkheid wordt ingebouwd omdat meestal niet het ganse meerjarenplan moet worden afgekeurd, maar slechts bepaalde onderdelen ervan.

 

Initieel overleg

 

De aanpassing van het meerjarenplan kan enerzijds slechts gebeuren aan punten die gemeenschappelijk met het CKB werden overlegd en waarvoor een overeenkomst na bespreking werd bereikt.

 

Dit om te vermijden dat bezwaren zouden opduiken, die voorheen nooit in het overleg werden vermeld en waarmee het bestuur van de eredienst dus redelijkerwijze ook geen rekening kon houden in haar planning.

 

Anderzijds moet het niet gaan om zaken die formeel anders waren afgesproken in het overleg, maar ze moeten wel aan bod gekomen zijn tijdens het overleg (zie Memorie van toelichting van 14.09.2011, art. 20, in fine).

 

Het belang van een correcte communicatie moet opnieuw onderstreept worden. Indien de wijze van kennisgeving niet door het Decreet is vastgelegd, dan is de intentie van het Decreet overduidelijk: er moet gecommuniceerd worden aan de kerkfabrieken op een dergelijke wijze dat ook de achtergronden van de besluitvorming over het meerjarenplan (en de budgetten) op evidente wijze aan de kerkfabrieken worden meegedeeld (zie Decreet, art. 33, laatste lid en art. 33/1, 1ste lid, in fine).

 

Mededelingsplicht

 

Ten slotte wordt ook mededelingsplicht opgelegd aan de gemeente waar de hoofdkerk gelegen is, aan de andere gemeenten waarvan de parochie ook deel van uit maakt.

 

De sanctie bij gebrek is de niet-tegenstelbaarheid van de besluitvorming aan de bijgemeente. Dit heeft tot gevolg dat de bijgemeente geen rekening moet houden met de niet-gecommuniceerde besluitvorming en geen financiële gevolgen van deze besluitvorming moet dragen (zie Decreet, art. 49, § 1, 4de lid en art. 52/1, § 3).

 

Beroepsprocedure

 

De beroepsprocedure tegen het ingenomen standpunt van de gemeente wordt verwoord in het aangepaste art. 44 en art. 49, § 2, 1ste lid, van het Decreet, waarnaar verwezen wordt.

 

Termijnberekening

 

Omdat termijnberekening niet eenvoudig is, zijn de toepasselijke artikelen van het Gerechtelijk Wetboek in extenso (infra) opgenomen. Daarenboven wordt recente rechtspraak vermeld en wordt een voorbeeld gegeven.

 

Voor een goed begrip worden ook de wettelijke feestdagen opgesomd: de zondagen, 1 januari, paasmaandag, 1 mei, Hemelvaartsdag, pinkstermaandag, 21 juli, Maria-ten-Hemelopneming (15 augustus), Allerheiligen (1 november), 11 november en Kerstdag (25 december).

 

Hierbij valt op dat Allerzielen (2 november) en 2de kerstdag (26 december) geen wettelijke feestdagen zijn, maar gelijkgestelde feestdagen die in de termijnberekening als gewone werkdagen worden beschouwd. Pasen en Pinksteren zijn ook niet vermeld, maar die vallen dan ook op een zondag…

                                                                                                                                                                                                                        

*Verzendingstheorie versus ontvangsttheorie.

 

Met een rechtspraakherziening bevestigde het Arbitragehof (nu Grondwettelijk Hof) wat men besloten heeft de «ontvangsttheorie» te benoemen, terwijl het Hof van Cassatie sinds 1998 resoluut koos voor de zogeheten «verzendingstheorie» uitgaand van een letterlijke interpretatie van artikel 32 van het Gerechtelijk Wetboek.

 

Het gerechtelijk wetboek werd bij art. 2 van de wet van 13.12.2005 (BS 21.12.2005) aangepast, om tegemoet te komen aan de doelstellingen van grondwettelijke aard die door het Arbitragehof zijn uitgevaardigd. Het principe huldigend van de dubbele datum, voorziet men nu om – voor wat de geadresseerde betreft – rekening te houden met de meest voor de hand liggende datum waarop deze in de mogelijkheid verkeert om effectief kennis te nemen van een brief die door middel van een officiële kennisgeving tot hem is gericht.

 

De Raad van State heeft in haar arrest van 24 oktober 2002 (R.v.St. nr. 111878, 24 oktober 2002, R.W. 2002-2003, 1466) gesteld dat een kennisgeving bij een ter post aangetekende brief rechtsgeldig is wanneer de postbode zich aan de woning van de belanghebbende heeft aangemeld en als hij de brief niet persoonlijk aan de geadresseerde of zijn gemachtigde heeft kunnen overhandigen in de brievenbus een bericht heeft achtergelaten waarin deze ervan op de hoogte wordt gebracht dat de brief kan worden afgehaald op het postkantoor.

 

Art. 52, 1ste lid (GW)

De termijn wordt gerekend van middernacht tot middernacht. Hij wordt gerekend vanaf de dag na die van de akte of van de gebeurtenis die hem doet ingaan en omvat alle dagen, ook de zaterdag, de zondag en de wettelijke feestdagen.

Art. 53 (GW)

De vervaldag is in de termijn begrepen. Is die dag echter een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, dan wordt de vervaldag verplaatst op de eerstvolgende werkdag.

 

Art. 53bis (GW)

Ten aanzien van de geadresseerde, en tenzij de wet anders bepaalt, worden de termijnen die beginnen te lopen vanaf een kennisgeving op een papieren drager berekend:

 

1.       wanneer de kennisgeving is gebeurd bij gerechtsbrief of bij een ter post aangetekende brief met ontvangstbewijs, vanaf de eerste dag die volgt op deze waarop de brief aangeboden werd op de woonplaats van de geadresseerde of, in voorkomend geval, op zijn verblijfplaats of gekozen woonplaats;

 

2.       wanneer de kennisgeving is gebeurd bij aangetekende brief of bij gewone brief, vanaf de derde werkdag die volgt op die waarop de brief aan de postdiensten overhandigd werd, tenzij de geadresseerde het tegendeel bewijst.

 

Art. 54 (GW)

Een in maanden of in jaren bepaalde termijn wordt gerekend van de zoveelste tot de dag vóór de zoveelste.

 

Een voorbeeld

 

het meerjarenplan moest gecoördineerd worden ingediend ten laatste op maandag 02.07.2007 bij toepassing van artikelen 41 en 42 van het Decreet. Indien de bisschop geen ontvangst meldt van de neergelegde meerjarenplannen, dan begint de termijn van 50 dagen te lopen vanaf de 3de dag na de dag van overhandiging aan de postdiensten.

                                   

In de veronderstelling dat de dag van overhandiging aan de postdiensten valt op donderdag 28.06.2007, dan begint de termijn van 50 dagen te lopen vanaf zondag 01.07.2007 en loopt ze af op zondag 19.08.2007. In tegenstelling tot wat artikel 53 (GW) doet vermoeden, wordt deze termijn niet verlengd. Deze verlenging geldt alleen voor processenrechterlijke termijnen. Indien de bisschop geen advies verstrekt, dan begint voor de gemeenteraad een termijn van 100 dagen te lopen vanaf maandag 20.08.2007 en loopt deze termijn af op woensdag 28.11.2007.

 

In de veronderstelling dat de bisschop ontvangst meldt op maandag 02.07.2007, dan begint de termijn van 50 dagen te lopen vanaf dinsdag 03.07.2007 en loopt ze af op maandag 20.08.2007.

 

Checklist

 

De Vlaamse overheid heeft een checklist ter beschikking gesteld. Vergissingen en vergetelheden in de opmaak en de inhoud van het meerjarenplan kunnen aan de hand van deze lijst door de penningmeester vermeden worden (naar checklist meerjarenplan).

 

In de checklist wordt bij het vormelijk nazicht, punt 2: de datum 02 juli vermeld. Dit moet gelezen worden als 3 juli, want de uiterste indieningdatum van het meerjarenplan is bepaald op " Binnen zes maanden na de installatie van de gemeenteraad na de gehele vernieuwing van deze raad" (zie Decreet, art. 41, 1ste lid).

 

De installatie van de nieuwe gemeenteraad gebeurt op de 1ste werkdag van de maand januari, dus ten vroegste op de 2de januari, want nieuwjaarsdag is een wettelijke feestdag. De termijn van 6 maand begint dus te lopen vanaf 03.01 en loopt zes maanden, hetzij tot en met 02.06.

 

 

© PéDéWé 08.2012. Hoewel de teksten in de groene kaders hoofdzakelijk gebaseerd zijn op wetteksten, decretale verordeningen en omzendbrieven, is de interpretatie die er aan wordt gegeven een persoonlijk standpunt dat noch de Vlaamse Regering en haar administratie(s), noch de burgerlijke overheden en haar administratie(s), noch de kerkelijke overheid en haar instelling(en) verbindt.

 

Naar Art. 42

Home

Naar Art. 44