CENTRAAL KERKBESTUUR GENT STAD

 

Jakobijnenstraat 4 te 9000 Gent

 

Art. 50. (de gecoördineerde indiening van budgetwijzigingen van het lopend jaar)

De budgetwijzigingen worden na het advies van het erkend representatief orgaan 1 voor 15 september van het lopende jaar gecoördineerd bij de gemeenteoverheid ingediend door het centraal kerkbestuur waaronder de kerkfabrieken ressorteren.

Artikelen 48 en 49 zijn van overeenkomstige toepassing op de budgetwijzigingen.

1. Ingevoegd bij Decreet van 06.07.2012 met inwerkingtreding vanaf 01.01.2013.

 

Bijzondere periode

 

De termijn voor de goedkeuring van een budgetwijziging is een bijzondere periode die in principe afloopt, wanneer het aangepast meerjarenplan door de gemeenteraad wordt goedgekeurd (vergelijk met Decreet, art. 48). De niet-goedgekeurde budgetwijziging kan aanleiding geven tot een toestand zoals omschreven in artikel 49 van het Decreet.

 

Gegroepeerde indiening

 

De budgetwijzigingen van het lopende exploitatiejaar moeten door het centraal kerkbestuur gecoördineerd worden ingediend bij de gemeenteraad vóór 15 september, dit wil zeggen uiterlijk op 14 september. Daarbij moet ook het samenvattende overzicht worden aangepast, waarbij de cijfers voor de besturen waarvan het budget niet gewijzigd werd, moeten worden hernomen (zie AR-Bh tot 05.09.2008, art. 25, 2de lid). Om praktische redenen zal het daarom wenselijk zijn om de budgetwijzigingen zo veel mogelijk te groeperen (zie GV boekhouding 22.02.2008, pt. 5.4).

 

Advies van de bisschop

 

Was voorheen in artikel 50 helemaal niet bepaald dat de budgetwijziging ook onderworpen is aan het advies van het erkend representatief orgaan, dan geldt vanaf 01.01.2013 deze verplichting wel. Daarmee wordt de ongelijkheid tussen de artikelen 47 en 50 weggewerkt.

 

Moet er rekening gehouden worden met het advies van de bisschop? Hierop moet negatief op geantwoord worden. Het erkend representatief orgaan, de bisschop, heeft geen bepalende stem wat betreft de inhoudelijke opmaak van het budget. De bisschop verstrekt advies vooraleer de budgetwijziging definitief bij de gemeente wordt ingediend (zie Decreet, art. 50, 1ste lid). Maar dit advies is niet afdwingbaar en het moet niet noodzakelijk tot een wijziging van de voorlopig voorgestelde budgetwijziging aanleiding geven.

 

Vormen van budgetwijziging

 

Volgende wijzigingen houden een budgetwijziging in:

 

§  Voor een wijziging van de kredieten van het exploitatiebudget is een budgetwijziging nodig zodra het totaal van de ontvangsten of de uitgaven van een hoofdfunctie gewijzigd wordt of als kredieten opgenomen worden op een artikel van het budget waarop geen kredieten opgenomen waren.

§  Voor elke wijziging van de kredieten van het investeringsbudget is een budgetwijziging nodig.

§  Voor de overige wijzigingen van de kredieten van het exploitatiebudget wordt de procedure van de interne kredietaanpassing, vermeld in artikel 26 en 27, gevolgd, met behoud van de toepassing van de aanvullende voorwaarden, vermeld in artikel 6 en 10 (infra).

(zie AR-Bh tot 05.09.2008, art. 25, 2de lid).

 

Een budgetwijziging heeft dezelfde indeling als het budget, aangevuld met een toelichting waarin alle wijzigingen worden geduid. De minister bepaalt de nadere regels voor de vorm en de inhoud.

 

Afwijkingen

 

In afwijking van artikel 20, tweede lid, mag in geval van een budgetwijziging het saldo van de geraamde ontvangsten en uitgaven van de investeringen, met inbegrip van het overschot of tekort van de investeringen van twee financiële boekjaren voordien, en de overboekingen kleiner zijn dan nul, op voorwaarde dat de absolute waarde van het negatieve saldo van die budgetwijziging niet groter is dan het overschot van de investeringen in de rekening van het voorgaande financieel boekjaar, verminderd met de absolute waarde van het eventuele negatieve saldo van de budgetwijziging van het voorgaande financieel boekjaar (zie AR-Bh tot 05.09.2008, art. 23).

 

In afwijking van artikel 2, tweede lid, mag een niet of slechts gedeeltelijk gebruikt investeringskrediet het volgende financieel boekjaar aangewend worden mits dat krediet nadien in een budgetwijziging wordt ingeschreven. Hetzelfde geldt voor de daarmee samenhangende ontvangsten (zie AR-Bh tot 05.09.2008, art. 24).

 

Verschuiving

 

Het bestuursorgaan kan binnen een hoofdfunctie van het exploitatiebudget de kredieten verschuiven met een interne kredietaanpassing zolang het totaal van de ontvangsten en de uitgaven van de hoofdfuncties gelijk blijft, geen kredieten opgenomen worden op artikelen van het budget voor uitgaven waarop geen kredieten opgenomen waren en de afspraken die met de gemeente gemaakt werden (zie AR-Bh tot 05.09.2008, art. 6) in verband met (onder meer) de aanwending van de in het meerjarenplan opgenomen kredieten, het tijdstip en de wijze van uitbetaling van de toelagen en aanvullende voorwaarden voor het doorvoeren van interne kredietaanpassingen (zie AR-Bh tot 05.09.2008, art. 10) worden gerespecteerd (zie AR-Bh tot 05.09.2008, art. 26).

 

Deel van de jaarrekening

 

Een lijst van de interne kredietaanpassingen maakt deel uit van de toelichting in de jaarrekening (zie AR-Bh tot 05.09.2008, art. 27).

 

Mutatis mutandis toepassing

 

Het 2de lid van art. 50 van het Decreet, maakt de artikelen 48 en 49 mutatis mutandis toepasbaar. Dit wil zeggen,

dat hetgeen dat werd gezegd over het passende en niet-passende budget binnen het meerjarenplan ook toepasselijk wordt gemaakt op de budgetwijziging.

 

Er wordt dan ook naar de tekstuitleg van deze artikelen verwezen.

 

 

© PéDéWé 08.2012. Hoewel de teksten in de groene kaders hoofdzakelijk gebaseerd zijn op wetteksten, decretale verordeningen en omzendbrieven, is de interpretatie die er aan wordt gegeven een persoonlijk standpunt dat noch de Vlaamse Regering en haar administratie(s), noch de burgerlijke overheden en haar administratie(s), noch de kerkelijke overheid en haar instelling(en) verbindt.

 

Naar Art. 49

Home

Naar Art. 50/1